Opdrachtgever
De Optimist
Gepubliceerd
1 sep 2009
Originele publicatie
Opdrachtgever
De Optimist
Gepubliceerd
1 sep 2009
Originele publicatie

Het virus van Tilburg

Sinds 2005 wordt Tilburg elk jaar in september geplaagd door een aangenaam virus dat de stad meer een meer infecteert met ‘independent culture’. Incubate, voorheen ZXZW genoemd, is in een paar jaar tijd uitgegroeid tot een veelkoppig monster. Muziek, beeldende kunst, niet-westerse dance, straattheater, moderne dans en performance art: wat programmering betreft is het ongetwijfeld een van de meest gevarieerde festivals van Nederland, maar nog niet een van de bekendste. Hopelijk komt daar dit jaar verandering in. De Optimist sprak met Frank Kimenai, organisator van het eerste uur.

In 2005 besloten vier vrienden gezamenlijk een aantal bands te programmeren op verschillende locaties in Tilburg. Frank Kimenai was één van de organisatoren. “Vincent Koreman en ik ontdekten in mei van dat jaar dat we beiden een concert georganiseerd hadden op dezelfde avond in september. Omdat we elkaar geen bezoekers wilde ontnemen, besloten we de gelegenheid dan maar uit te buiten door er een klein festival van te maken. We richtten een stichting op, schakelden de hulp in van Ries Doms en Alex van Wijk, twee vrienden met ook sterke wortels in de punk en hardcore scene, en eindigden met 45 bands op acht locaties. Er kwamen maar liefst 700 betalende bezoekers op af en wij voelden ons de koning te rijk.” Het festival droeg de naam ZXZW (‘zuid bij zuidwest’), een verwijzing naar het befaamde SXSW festival in Austin, Texas, dat elk jaar in maart plaatsvindt. “Ik had op SXSW opgetreden met mijn band, evenals Ries Doms, en we waren beiden erg enthousiast over het festival dat gedurende een paar dagen de hele stad Austin in beslag neemt. Eigenlijk wilden we ons Zuiderslag noemen, als tegenhanger van het Groningse Noorderslag festival, maar die naam was al geclaimd. Toen lag ZXZW het meest voor de hand.”
Een jaar later werd het concept herhaald, ditmaal met 96 bands in twaalf verschillende zalen. “Er kwam erg veel extra werk bij kijken, maar omdat niemand van ons echt veel kaas had gegeten van PR, leverde het niet veel extra bezoekers op. Het was een domper en we realiseerden ons dat we het echt anders aan moesten pakken als we dit wilden blijven doen.”

Hermann Nitsch
Kimenai en Koremans bleven als enige twee over en Joost Heijthuijsen, voormalig Muzieklabmedewerker, voegde zich bij de stichting. Met z’n drieën namen ze de sprong in het diepe. “Joost en ik hadden de mogelijkheid om een half jaar een uitkering te ontvangen als we voor onszelf zouden beginnen, en we besloten het erop te wagen,” legt Kimenai uit. Het festival werd in 2007 uitgebreid met exposities van beeldend kunstenaars, in opdracht van Edwin Jacobs, directeur van Museum de Lakenhal in Leiden en destijds Cultuurmakelaar van de gemeente Tilburg. Kimenai: “Het was Jacobs’ doel om binnen de kunst interdisciplinaire verbanden te leggen en samenwerking tussen verschillende culturele organisaties te stimuleren, en hij zag onze potentie om daar een grote rol in te spelen. Sindsdien maakt beeldende kunst een vast onderdeel uit van het festival.”
Dit jaar wordt de rol van centrale festivalgast zelfs ingevuld door een bekend kunstenaar: Hermann Nitsch, een van de kopmannen van het Weens Aktionisme die schilderkunst, theater, dans en muziek combineert in zijn vaak bloederige Aktionen. Het Tilburgse museum De Pont zal gedurende het festival een overzichtstentoonstelling van Nitsch laten zien en verder zijn er exposities, lezingen en optredens van artiesten die door Nitsch zijn beïnvloed. Vincent Koreman had Nitsch een mail gestuurd met het verzoek bij te dragen aan het festival en werd vervolgens opgebeld door oud-Stedelijk Museum directeur Rudi Fuchs, een bekende van Nitsch. “Rudi Fuchs was door Nitsch gevraagd om even te na te gaan wie wij waren en wat we precies deden, en blijkbaar was het goed,” vertelt Kimenai. “De aanwezigheid van Nitsch is heel bijzonder en ook goed voor het festival: het zet ons ook bij een ander publiek duidelijk op de kaart.

Uitbroeden
Het festival is dit jaar van naam veranderd. De grap van de SXSW-verwijzing was er wel een beetje af na vier jaar, en tevens kreeg de stichting er juridische problemen mee. “Vanuit het SXSW-festival in Texas kregen we begin dit jaar het vriendelijke doch zeer dringende verzoek om onze naam te wijzigen. Het was iets waar we al langer over nadachten, maar eerder waren we bang dat het ons onze vaste aanhang zou kosten. Nu moesten we wel; een geluk bij een ongeluk eigenlijk. De naam ‘Incubate’ (‘to incubate’ betekent ‘uitbroeden’-MvO) zegt veel meer over de aard van het festival.”
Tientallen locaties, bijna tweehonderd bands variërend van black metal tot jazz tot folk, en kunsttentoonstellingen: waar haal je de kennis en de namen vandaan om met z’n drieën een festival van dergelijk kaliber op te zetten? Kimenai legt uit dat ze alle drie hun eigen netwerk hebben, voornamelijk binnen de alternatieve muziekscenes, en die dan ook ten volle benut hebben. “Daarnaast word je, vanaf het moment dat zo’n festival enigszins gaat lopen, sufgemaild door bands die op je festival willen komen spelen, maar daarvan is slechts een klein percentage echt interessant. Wat andere disciplines betreft kopen we die kennis als het ware in. Zo is er dit jaar bijvoorbeeld ‘Space that can be Filled’, een programma van moderne dans. Wij hebben alle drie niet zoveel verstand van moderne dans, maar gelukkig heeft Tilburg een goede moderne dans scene, met o.a. het dansgezelschap Fragmenta. Wij hebben Sonja Augart, de choreografe van Fragmenta, gevraagd of zij interesse had in het opzetten van een programma voor Incubate, en dat had ze. Zo kunnen we, in samenwerking met anderen, ook buiten onze eigen specialisaties zorgen voor een interessante invulling van het festivalprogramma.” Naast ‘Space that can be Filled’ is er bijvoorbeeld ook ‘Kraaklink’: een programma waarbij jonge Nederlandse muzikanten in een gekraakte ruimte elke dag composities opvoeren van jonge componisten, georganiseerd door Link, een podium voor onalledaagse kamermuziek in Tilburg.
Goodwill
Wat financiering betreft kan Incubate inmiddels aanspraak maken op verschillende subsidies, maar voor een groot deel komt het ook neer op goodwill van betrokken locaties en organisaties, én heel veel creativiteit. Zelfs de structurele subsidie van de gemeente Tilburg kent wat haken en ogen. Kimenai vindt het opmerkelijk hoe bijvoorbeeld de gemeente Den Haag, samen met de organisatie van het Crossing Border festival, nu het plan heeft opgevat om een (officiële) Nederlandse variant van SXSW, ‘Walk the Line – The Hague’, te lanceren, en daar zonder al teveel moeite een zak met geld voor beschikbaar stelt. “Dat is fantastisch voor Den Haag, maar zuur voor ons als je bedenkt dat wij soms erg veel moeite hebben om geld bij elkaar te sprokkelen, terwijl Incubate met dit festival Tilburg in feite al jaren op de kaart zet, ook in internationaal opzicht. Gelukkig helpt het als je wat grotere namen op je poster kan zetten, zoals Hermann Nitsch, of interessante evenementen als de Incubate Innovation Lecture met sprekers als cultuurcriticus Andrew Keen, schrijver en ‘kunst-econoom’ Hans Abbing en Groene Amsterdammer-hoofdredacteur Xandra Schutte.” Intussen is er vanuit enkele andere Nederlandse steden interesse getoond voor het concept van Incubate.

Independent culture
De zeer brede en gevarieerde programmering zorgt eigenlijk zelden voor problemen, omdat elke bezoeker wel iets van zijn of haar gading vindt. Het zorgt ook voor een gevarieerde opkomst en dat is precies wat Incubate wil. Het festival is allang niet meer dat ‘weekendje Tilburg met punk- en metalbands’. “Af en toe wordt er wel wat kritiek geleverd op het zogenaamde verlies van onze underground status,” zegt Kimenai, “maar dat zul je altijd houden. Wij willen ons niet vastklampen aan het predikaat’ underground’, wij praten nu bewust over ‘independent culture’.”
Terugkijkend op de afgelopen vijf jaar is de organisatie vooral trots op het feit dat een aanvankelijke hobby nu is uitgegroeid tot een actieve en organische stichting die in alle richtingen blijft groeien en bloeien en in staat is om volslagen onbekende artiesten, legendarische muzikanten, beginnende componisten en gevestigde kunstenaars in één week bij elkaar te brengen.
Een van de persoonlijke hoogtepunten van de afgelopen jaren was voor Kimenai het optreden van Sun Ra Arkestra in de Muzetuin, in 2008. “Het was een mooie warme middag, toevallig ook nog autovrije zondag in Tilburg. In de Muzetuin zaten 1500 mensen; hippies, ouders met kinderen, punkers en een paar gemeenteraadsleden, te luisteren naar een van de meest legendarische jazzorkesten ooit. Het was fantastisch.”